· 

03 PAPER OF THE MONTH

Wat is een Origineel Grafisch Werk van Marc Chagall

Marc Chagall  Le cirque d’Izis 4, 1965
Marc Chagall Le cirque d’Izis 4, 1965

 

Bij de beantwoording van deze vraag spelen drie personen een hoofdrol.  Allereerst MARC CHAGALL  (1887-1985) zelf. 

In de tweede plaats CHALRES SORLIER (1921-1990), de eerstverantwoordelijke voor het lithoproces vanaf 1952, hoofd van de lithografische afdeling van de Mourlot-drukkerij in Parijs.  Als derde fungeert de galeriehouder voor Chagalls werk: het echtpaar  MAEGHT, die in hun 16 catalogi van Chagall-exposities  ‘origineel werk’ van Chagall wilde meegeven, zoals hij dat bij elke andere exposant ook deed. In totaal zijn er 250 MAEGHT-catalogi verschenen, die tezamen een compleet beeld geven van de stal van Galerie Maeght.

 

Eerst Chagalls kijk op het begrip Originele Grafiek

Aanvankelijk verstaat Chagall hieronder elk werk dat van hem afkomstig is en verschijnt in een reproduceerbare vorm, waarbij het IN die vorm tot een kunstwerk is geëvolueerd. Voor 1952 -de tijd de de kleurenlithografie nog in de kinderschoenen stond en Chagalls behoefte om kleurrijke werken in reproduceerbare vormen al groot was- had hij er geen moeite mee om bijvoorbeeld Pochoirs ook tot origineel grafisch werk te bestempelen.  Dit Is best begrijpelijk gezien zijn affiniteit met de grote pochoir-vervaardiger Daniel Jacomet (1894-1966), die kans zag om aquarellen en gouaches van Chagall om te toveren tot grootse kunstwerken in de pochoir-techniek.  Chagalls mooiste map met pochoirs dateert uit 1958: "AU VENT DES ARLES’".  Ook andere vormen van speciale kleurendruktechnieken zal Chagall in deze beginperiode omarmen, vooral bij uitgifte in Kunstboekvorm (o.a. in de  kwartaaluitgaven van Verve) is hij groots op het verkregen eindresultaat. Tot een van de fraaiste boeken rekent hij “LE DUR DESIR DE DURER” … waarin geen litho, ets of houtsnede is terug te vinden, maar wel een pochoir en verder speciale drukkleurtechnieken . Tenslotte als voorbeeld de New Yorkse serie ”ARABIAN NIGHTS” uit 1948 bestaand uit 12 & 1 werken. Rond 1947 stuurt Chagall 13 aquarellen/ gemengde techniek naar de drukker Albert Carman, die deze op lithosteen uitwerkt.Vervolgens rijdt  Chagall in zijn autootje naar City Island, om -onder Carmans toezicht- de stenen eigenhandig bij te werken.  Chagall was aanvankelijk lyrisch over het bereikte eindresultaat en na terugkeer in Parijs neemt hij contact op met de grote Litho-drukkerij van Mourlot, om deze reproduceerbare kunstvorm voort te zetten. Dit mede op aandringen van Maeght, die zijn kunsthandelaar is geworden en de catalogus  van Chagalls eerste expositie (i het voorjaar van 1950)  wil verrijken met originele litho’s.  In deze Mourlot-drukkerij krijgt hij direct te maken met Charles Sorlier.

 

Charles Sorlier en Chagalls Originele Litho's

Na zijn militaire diensttijd start Sorlier zijn loopbaan op de lithografische afdeling van Mourlot.  In korte tijd beheerst hij het métier en geeft daarbij blijk het werk van andere kunstenaars met een zeker gemak op steen te kunnen overzetten. Dit is een aangename oplossing voor menig kunstenaar die zich (nog) niet met de lithotechniek in wil laten, zoals Bram en Geer van Velde.   Chagall stort er zich onmiddelijk wel op en vindt in de jonge Charles Sorlier een goede leermeester.         

Hier kan de catalogus van de eerste Chagall-expositie bij Maeght niet op wachten. Sorlier krijgt toestemming om van een schilderij  van Chagall -volgens het geijkte patroon- twee kleurenlitho’s te maken: één op de voorkant van de catalogus en een als (dubbel-)  middenblad.  Chagall vindt het resultaat maar niks en wil ze niet tot litho’s van hem verklaren, zoals hijgedaan had met de “Arabian Nights”. Met nog groter voortvarendheid maakt hij zich de kleurenlitho-techniek eigen,  zodat nog geen twee jaar later de volgende Maeght-catalogus (nr.44/45) twee prachtige dubbele kleurenlitho’s van hem toont. (Litho M. 060 en M.061).  De uitnodigingskaart bij de opening bevat tevens een kleurenlitho waarop zijn vrouw Virginia Haggard ligt afgebeeld. 

Langzamerhand groeit er een samenspel tussen Chagall en Sorlier die bepalend wordt of een litho zal worden toegeschreven aan 

Chagall-alleen, aan Chagall-Sorlier of aan Sorlier-Chagall. Aan vrijwel iedere kleurenlitho van Chagall heeft Sorlier een aandeel, doch zolang dat tot het  technisch en voorbereidend niveau beperkt blijft, wordt Sorliers naam daar niet aan verbonden: het zijn de litho’s die Sorlier “Bon à tirer” van Chagall ontvangt.  Het andere uiterste betreft litho’s die door Sorlier 'onder de directie' van Chagall gemaakt zijn, doch waar Chagall zijn naam niet aan verbinden wil.  Daartussen ligt een grijs gebied, met als aardigste voorbeeld de kleurenlitho's die van de 36 voorstudies voor de 12 Jeruzalem Windows op steen zijn gezet. De medewerking van Sorlier bestond soms enkel uit: “Geef me nog een steen voor het blauw en nog twee voor het groen".  Aan één zo’n ramenserie heeft Chagall zelfs zijn handtekening  verbonden.  Ik hoop dat bovenstaande beschrijving een handreiking biedt bij de bestudering van het laatste stuk van Chagalls verzamelde litho’s (deel V), waarin een overzicht van Sorlier-litho’s in uiteenlopende vormen maar steeds ‘onder directie van  Chagall’, zijn verschenen.                  

  

Het echtpaar Maeght en Chagalls Originele grafiek 

Bij Maeght staat 'origineel' voor: 'voor dit speciale doel vervaardigd'. De handelaar in Maeght schemert al door de terminologie heen. Voor hun eerste exposities geven Bram en Geer van Velde wat onvoltooid, terzijde gelegd werk aan Maeght mee: misschien kan die er wat van gebruiken voor de nieuwe catalogus.  Een soort vriendendienst waar ze verder niet naar omkijken. Op den duur verandert dit, wanneer ook hun handtekening onder zo’n litho verlangd wordt.  In Chagalls opvatting kan een deel van een schilderij geen nieuw kunstwerk opleveren, tenzij het resultaat een geheel nieuwe artistieke dimensie oproept. Aan dat laatste heeft Maeght geen boodschap: hij wil door zijn ruimere opvatting zijn catalogi naar een hoger plan tillen. 

De confrontatie tussen die beide standpunten komt het duidelijkst naar voren wanneer bijv. een zwart/wit tekening van Chagall door Mourlot op steen gezet wordt om een plaats te krijgen in een Maeght-catalogus: Chagall acht het geen kunstwerk, dus geen 'litho originale’.  Maar ook de bijdrage van Sorlier aan de Chagall-catalogus uit 1950 blijft Maeght rekenen tot de door hem uitgegeven ‘originele litho’s van Chagall’. Zelfs in de beroemde (slot-)catalogus DLM nr 250 “HOMMAGE A  AIME ET MARGUERITE MAEGHT” van 1982 zal Maeght dit standpunt blijven uitdragen.

 

De Catalogue Raisonnée als toetssteen 

Voor de hele generatie kunstenaars uit de vorige eeuw is de Catalogue Raisonnée van hun werk bepalend gebleken. En dat heeft bij Chagall vergaande consekwenties.  Zo accepteert hij dat alleen zijn litho’s etsen, houtsneden en lino’s tot zijn origineel grafisch werk worden gerekend. En op lithografisch gebied bakent hij nauwkeurig de verhouding tot Sorliers inbreng af. Veel litho’s die van de drukpers van Mourlot komen zal hij niet tot zijn ‘originele litho’s’ rekenen, ook als het botst met Maeghts visie.  Het aardige is dat Mourlot -die de zesdelige lithoserie van Chagalls catalogue raisonnée verzorgt- hierin Chagall volgt. Ook daar waar Chagall om wat voor reden ook besluit om een aanvankelijke ‘originele litho’ te schrappen. En dat komt meer dan eens voor. Een aardig voorbeeld is de kleurenlitho van de uitnodigingkaart  voor de Maeght-expositie van 21 maart 1952, waarop zijn toenmalige vrouw Verginia staat afgebeeld en waarover hier boven reeds melding werd gemaakt.  In die week zou zij Chagall hals-over-kop verlaten, iets wat hij haar nooit heeft kunnen vergeven.  Op zijn beurt heeft hij die litho ‘verstoten'.      

 

Amsterdam, juni 2006

Pieter Zuidema

             

Reactie schrijven

Commentaren: 0

Chagall Galerie Wuyt

Erik de Wolf BSc - Gallery-owner   

Spiegelgracht 32

1017 JS Amsterdam

+31(0)642 694 446   

galerie@chagall.nl

 

Chagall Research Centre Wuyt

drs Pieter Zuidema M.A. - CRC-director   

Lange Leidsedwarsstraat 143 (bg) 

1017 NK  Amsterdam

+31 (0)20 73 72 739  

+31 (0)624 105 863 

info@chagall.nl